Tot nieuwe woonvormen in het landschap behoren de landgoederen, nieuwe erven en nieuwe buurtschappen. De aanleiding is veelal divers: particuliere initiatieven, agrariërs die hun bedrijf beëindigen,vrijkomende agrarische bebouwing of sloop van agrarische opstallen of glastuinbouw, maar ook initiatieven vanuit ontwikkelpartijen, woningbouwverenigingen, zorginstellingen en gemeenten.
Deze, veelal groene, eenheden kunnen een waardevolle aanvulling in het landschap betekenen. Een goede landschappelijke inpassing en aanhechting op de omgeving staan daarbij voorop. Evenals behoud en versterking van cultuurhistorische elementen. Zowel voor nieuwe erven en buurtschappen als voor nieuwe landgoederen is een juiste verhouding tussen bebouwing en landschap een voorwaarde.
Voor nieuwe erven en buurtschappen is een informeel karakter van belang. Er is veelal sprake van een natuurlijk, bijna toevallig, ensemble van gebouwen.
Voor landgoederen kan zowel een informeel als meer formeel karakter gelden. Diverse aspecten komen in het ontwerp aan bod: een goede samenhang tussen open en besloten gebieden, droog en nat, openbaar en privé, zichtlijnen, laanstructuren, groenelementen etc. De inrichtingsplannen worden veelal ondersteund met referentiebeelden, profielen en uitspraken over beeldkwaliteit om het gewenste eindbeeld inzichtelijk te maken.
Voorbeeld:
|